vorige dag           volgende dag Register

Heiligenjaar   -   20 september

De heilige martelaren Eustathios (Eustacios, Placidus), de generaal, met zijn vrouw Theopista, en hun twee zonen Agapios en Theopistos. Eustathios kwam op een jachtpartij met het christendom in aanraking. Bij hem wordt voor de eerste maal het verhaal verteld van het hert met een kruis tussen de hoornen, zoals we dat later terugvinden bij de heilige Hubertus. Hij liet zich dopen met heel zijn gezin en werd uit het leger verjaagd en uit Rome verbannen, terwijl al zijn bezittingen verbeurd werden verklaard. Hij moest rondzwerven als een bedelaar, zijn vrouw en kinderen kwamen in slavernij.
15 Jaar trok hij rond als pelgrim, maar onder een volgende keizer werd hij in eer hersteld en kon toen ook zijn gezin weer herenigen. Opnieuw toonde hij zijn talenten als veldheer en hij behaalde een schitterende overwinning bij een inval der barbaren. Toen nu een dankfeest werd georganiseerd ter ere van de goden, weigerde Eustathios daaraan deel te nemen. Dit wekte de woede op van keizer Trajanus en deze liet het gehele gezin verbranden in een gloeiend gestoelde koperen os, in het jaar 118.

De heilige martelaren Michaël, vorst van Tsjernigov‚ met Theodoros, zijn bojaar. Bij de inval van de medogenloze Tataren, die alles op hun weg uitroeiden en verwoestten, had Michaël de vlucht genomen en Kiev prijsgegeven aan de vernietiging. Maar spoedig kreeg hij spijt van zijn gebrek aan moed en Godsvertrouwen, en daarom begaf hij zich naar de Horde, de verblijfplaats van de Khan, om zich aan te bieden als gijzelaar en verlichting te verkrijgen voor zijn volk.
Hij weigerde echter om door het reinigingsvuur te gaan dat voor de afgoden ontstoken was, omdat hij wel de khan als heerser wilde erkennen, maar niet Christus prijsgeven. Daarom werd hij onthoofd in 1244 (of 1246), met Theodoros.

De heilige Oleg Romanowitsj, vorst van Briansk en kleinzoon van de martelaar-vorst Michael van Tsjernigov. Hij deed afstand van zijn vorstendom en omhelsde het ascetische leven en werd monnik in het door hem gebouwde klooster. Daar is hij gestorven tegen het einde van de 13e eeuw.

De heilige Anastasios, nog een Anastasios, Euprepios en Theodoros waren leerlingen van de heilige Maximos de Belijder, die in ballingschap gestorven zijn omwille van hun verdediging van de Orthodoxie, in de 7e eeuw.

De heilige martelaar Hilarion, afkomstig van Kreta. Zijn vrome ouders zonden hem naar een oom, die arts was in Konstantinopel, opdat de jongen een goede opvoeding zou krijgen. Deze had daar echter niet de minste lust in, en besteedde de jongen uit aan een handelsman. Deze liet de zorg voor de zaak over aan de onervaren jongeman en ging zelf op reis. Toen hij terugkwam bleek dat er een belangrijke som was verloren gegaan. De woedende handelaar eiste dit verlies van Hilarion (die toen nog Johannes heette) terug. In zijn wanhoop deed Johannes zijn beklag bij de Turkse aga, die hem overhaalde de islam aan te nemen, dan kon zijn oom geen klacht tegen hem indienen.
Maar zijn geweten liet Johannes geen rust. Hij won nu raad in bij een monnik die in de stad woonde en daardoor vond hij de weg naar de Athos‚ die min of meer bij de Turken als vrijplaats behandeld werd voor zulke gevallen. Johannes werd de monnik Hilarion en woonde bij een geestelijke vader, waar hij boete deed in diep berouw en harde ascese. De liefde tot Christus werd in zijn hart een brandend vuur, en er ontstond in hem een dorst naar het martelaarschap om zijn verraad volledig uit te boeten en bij Christus te zijn. Zijn geestelijke vader herkende in hem de wil van God en gaf zijn zegen. Toen ging hij naar Konstantinopel en beleed openlijk dat hij christen wilde zijn. Daarom werd hij na wrede martelingen onthoofd in 1804.

De heilige bisschop Meletios van Cyprus, die heel zijn leven onophoudelijk Gods woord verkondigde, en alles wat hij in handen kreeg aan de armen schonk. Hij is gestorven in vrede.

De heilige God-dragende Vader Johannes van Kreta. Reeds als jongen verliet hij zijn ouderlijk huis om in een verlaten gebied een leven te leiden van ontbering en gebed. Eerst vestigde hij zich in een grot van de Rhaxos-berg, waar hij een kerkje bouwde en monnik gewijd werd. Langzamerhand trok hij steeds hoger de berg op, terwijl zich ook leerlingen rond hem verzamelde en tenslotte bouwde hij een klooster op de top van de Myriokefalon.
Toen het leven daar was ingericht, trok hij weer verder op zijn langzame maar steeds durende zwerftocht. Bij elk oponthoud bouwde hij een kerk of stichtte hij een klooster. Toen Johannes het einde van zijn leven voorzag, sloot hij zich op in een kleine cel, geheel alleen, om de laatste ogenblikken van zijn leven uitsluitend met God te zijn. Na zijn dood ontstond hier een groot, aan zijn gedachtenis gewijd klooster. Hij leefde in de tweede helft van de 10e eeuw.

De heilige Eustachios (de goede aren dragende) was patriarch van Antiochië vanaf het jaar 325, en was een geharnast bestrijder van het arianisme, dat de persoon van Christus neerhaalde. Hij was een der grote figuren op het Concilie van Nicea en hij is om dit getuigenis in ballingschap gestorven in Thracië, in 337.

De heilige Agapetos I, paus van Rome, 535-536. Hij was een Romeinse priester van de kerk van de heilige Johannes en Paulos‚ zeer geliefd bij het volk om zijn heilig leven, en daarom, ondanks zijn hoge leeftijd, tot bisschop van Rome gekozen. De keizer, de heilige Justinianos, zond hem zijn persoonlijke geloofsbelijdenis, die door de paus als volkomen orthodox werd aanvaard. Tegelijk veroordeelde hij op verzoek van de keizer de kloostergemeenschap der akimieten, (de slapelozen), waar dag en nacht in afwisselende groepen de diensten gebeden werden tot een onophoudelijke lofzang voor God: de keizer vond hen aangetast door Nestorianisme, dus dat zij niet de wezenlijke godheid van Christus zouden belijden.
Daarna kwam er een gezantschap van Theodotos, de ariaanse Gothenkoning die Italië in zijn macht had, om te eisen dat de paus als zijn gezant naar Konstantinopel zou gaan. Want er waren geruchten dat de succesrijke veldheer Belisarios vanuit het overwonnen Afrika naar Italië gezonden zou worden. In dat geval zou Theodotos de Romeinse senaat uitmoorden en de stad van de aardbodem wegvagen. De oude bisschop vertrok in de winter naar Griekenland en werd door de keizer met de hoogste eer ontvangen.
Er ontstonden moeilijkheden over de bezetting van de patriarchale troon, maar toen Agapetos zich niet liet intimideren, koos de heilige Justinianos zijn zijde en benoemde een orthodoxe patriarch. Deze werd door de paus gewijd, doch de vermoeienissen waren te groot geweest. Kort daarna is Agapetos gestorven in 536. Er werden uitvaartdiensten gehouden met grote praal, maar het lichaam werd naar Rome teruggebracht om te rusten bij de voorgangers op de zetel van Petros. Zijn gedachtenis wordt ook gevierd op 17 april.

Ook nog op deze dag de heilige martelaren Artemidoros en Thalios, omgebracht met het zwaard; de maagd Candida, onder Maximiaan ten dode toe gegeseld te Carthago: Dionysios en Privatos in Frygië; Johannes van Egypte met nog 40 anderen, die onder Domitiaan ter dood zijn gebracht in Palestina, in het jaar 310; en Priscus, over het gehele lichaam met dolksteken doorboord tot hij stierf.

Eveneens op deze dag de heilige Clicerius‚bisschop van Milaan; abdis Eusebia te Marseille, 8e eeuw; en de monnik Montanus, 5e eeuw.


Door de gebeden van deze en al Uw heiligen, Heer Jezus Christus onze God, ontferm U over ons en red ons. Amen.




teksten samengesteld door archimandriet Adriaan - eeuwige gedachtenis !
illustraties door matj. Johanna - eeuwige gedachtenis !
overgenomen met toestemming van het klooster St. Jan de Voorloper in Den Haag.