Gebed vóór de lezing   [ Lees verder . . . ] Laat stralen in onze harten, menslievende Heer, het zuivere licht van Uw goddelijke kennis en open de ogen van ons verstand om de verkondiging van Uw Evangelie te begrijpen. Plant in ons het ontzag voor Uw zalige geboden, zodat wij al onze vleselijke begeerten vertreden en een geestelijke levenswijze leiden en U behagen in al ons denken en doen. Want Gij zijt de verlichting van onze zielen en lichamen, Christus God, en tot U zenden wij de lof evenals tot Uw beginloze Vader en Uw alheilige, goede en levendmakende Geest, nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

vorige dag           volgende dag


Woensdag 15 maart - woensdag in de derde week van de Grote Vasten -

op weekdagen in de Grote Vasten is er geen Goddelijke Liturgie, en zijn er daarmee ook geen lezingen uit de Apostel en het Evangelie vastgesteld. Wel zijn er Oud-testamentische lezingen in het zesde uur en in de Vespers:



LEZING IN HET ZESDE UUR

Jesaja 10, 12-20

Lezing uit de profetie van Jesaja,

Het zal gebeuren, wanneer de Heer Zijn werk op de berg Sion en in Jeruzalem voltooid heeft, dat Hij zal optreden tegen de hooghartige heerser van de Assyriërs en tegen de hoogmoed in zijn ogen. Want Hij heeft gezegd: met kracht zal Ik handelen en met de wijsheid van Mijn inzicht zal Ik de grenzen van de volkeren wegnemen en hun kracht plunderen. Ik zal bewoonde steden doen schudden en met Mijn hand de hele bewoonde wereld nemen als een nest en Ik zal de achtergelaten eieren wegnemen. En er is niemand die Mij kan ontvluchten of tegenspreken. Wordt dan een bijl geprezen zonder degene die ermee hakt? Of wordt soms een zaag verheerlijkt, zonder degene die ermee zaagt? Net zoals wanneer iemand een stok of een staf optilt. Maar zo zal het niet gaan, de Heer Saboath zal oneer sturen naar uw eer. Een verterend vuur zal Hij ontsteken tegen uw roem. Het licht van Israël zal een vuur worden, het zal hem heiligen met een brandend vuur en het hout verteren als verdord gras. Op die dag zullen de bergen, de heuvels en de bossen verdwijnen en alles van ziel tot vlees zal worden verteerd en hij die vlucht zal zijn als iemand die vlucht voor een vlammend vuur. En wie overblijven zullen gering in aantal zijn, zo gering dat een kind het kan opschrijven. En op een dag zal het geschieden dat er niets meer wordt toegevoegd aan dat wat van Israël over is en dat degenen van het huis Jakob, die gered zijn, hun vertrouwen niet meer stellen op hen die hen onrecht hebben aangedaan, maar zij zullen in waarheid vertrouwen op de heilige God van Israël.




LEZINGEN IN DE VESPERS

Genesis 7,6-9

Lezing uit Genesis,

Noach was zeshonderd jaar oud toen de watervloed over de aarde kwam. Toen ging Noach met zijn zonen, zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen met hem in de ark, vanwege het water van de vloed. Van de reine vogels en van de vogels die niet rein waren, van het reine vee, en van het vee dat niet rein was, van de dieren en van alles wat over de aardbodem kruipt, kwamen er twee aan twee naar Noach in de ark, mannetje en vrouwtje, zoals God aan Noach geboden had.





Spreuken 9,12-18

Lezing uit de Spreuken,

Mijn zoon, als je wijs wordt voor jezelf,
zul je ook wijs worden voor je naaste.

Maar als je slecht wordt,
zul je je ellende alléén moeten dragen.

Een zoon die streng is opgevoed, zal wijs handelen
hij gebruikt de onverstandige als dienaar.

Wie op leugens vertrouwt, zal winden hoeden,
hij zal vliegende vogels verjagen,

want hij heeft de wegen van zijn eigen wijngaard verlaten,
hij is verdwaald op de paden van zijn eigen akker.

Hij trekt door een waterloze woestenij,
door een land voorbestemd voor droogte,
met zijn handen brengt hij vruchteloosheid bijeen.

Een onverstandige en brutale vrouw krijgt gebrek aan brood,
van schaamte heeft zij geen weet.

Ze zit bij de deur van haar eigen huis,
op een stoel openlijk op straat,

en nodigt voorbijgangers uit
en ieder die zich op zijn weg houdt:

“wie van jullie het domste is, kom naar me toe,
en tegen hen van jullie die geen verstand hebben, zeg ik:

neem gerust van dit geheime brood
en proef de zoetheid van gestolen water.”

Maar hij weet niet dat een sterveling door haar ten gronde gaat,
en loopt in de valstrik van de Hades.

Maak je uit de voeten, blijf niet dralen op die plek,
laat je blik niet op haar rusten,

want zo zul je andermans water oversteken,
andermans rivier doorwaden.

Houd je verre van andermans water
en drink niet uit andermans bron,

opdat je lange tijd zult leven,
en er jaren aan je leven worden toegevoegd.