Gebed vóór de lezing   [ Lees verder . . . ] Laat stralen in onze harten, menslievende Heer, het zuivere licht van Uw goddelijke kennis en open de ogen van ons verstand om de verkondiging van Uw Evangelie te begrijpen. Plant in ons het ontzag voor Uw zalige geboden, zodat wij al onze vleselijke begeerten vertreden en een geestelijke levenswijze leiden en U behagen in al ons denken en doen. Want Gij zijt de verlichting van onze zielen en lichamen, Christus God, en tot U zenden wij de lof evenals tot Uw beginloze Vader en Uw alheilige, goede en levendmakende Geest, nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

vorige dag           volgende dag


12 november - 23e zondag na Pinksteren -

Prokimen     toon 6          (ps 27)

Red uw volk, o Heer * en zegen uw erfdeel.

Tot U, Heer, heb ik geroepen; mijn God, blijf niet zwijgen tegenover mij.


APOSTEL

pericoop 220 (Ef 2 : 4-10)

Lezing uit de brief van Paulus aan de Efeziërs,

Broeders, God, Die rijk is in barmhartigheid, heeft ons door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons liefgehad heeft, ook toen wij dood waren door de overtredingen, met Christus levend gemaakt - door genade zijt gij gered - en heeft ons met Hem opgewekt en met Hem in de hemelse gewesten doen zetelen in Christus Jezus, opdat Hij in de komende eeuwen de allesovertreffende rijkdom van Zijn genade zou bewijzen, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus. Want door genade zijt gij gered, door het geloof, en dat niet uit uzelf, het is de gave van God; niet uit werken, opdat niemand zou roemen. Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen, die God van tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.

Alleluja     toon 6          (ps. 90)

Wie onder de schutse van de Allerhooogste verblijft, en onder de bescherming woont van de God des hemels.

Hij mag zeggen tot de Heer:?Gij zijt mijn Beschermer en mijn Toevlucht; Gij zijt mijn God op Wie ik vertrouw.

8e zondag (Lucas-cyclus) - De barmhartige Samaritaan -

EVANGELIE

in de Metten: Mt pericoop 116 - het 1e opstandingsevangelie (Mt 28 : 16-20)

Lezing uit het Heilig Evangelie volgens Mattheüs,

In die tijd trokken de elf leerlingen naar Galilea, naar de berg waar Jezus hen ontboden had. En toen zij Hem zagen, aanbaden zij Hem, maar sommigen twijfelden. Jezus kwam naar hen toe en sprak tot hen zeggend: ‘Mij is gegeven alle macht in de hemel en op aarde. Ga heen, maak alle volken tot Mijn leerlingen en doop hen in de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest; en leer hun alles te onderhouden wat Ik jullie geboden heb. En zie, Ik ben met jullie alle dagen, tot aan de voleinding van de wereld.’ Amen.

in de Liturgie: Lc - pericoop 53 (Lc 10 : 25-37)

Lezing uit het Heilig Evangelie volgens Lucas,

In die tijd kwam een wetgeleerde bij Jezus om Hem op de proef te stellen en zei: ‘Meester, wat moet ik doen om het eeuwig leven te beërven?’ Hij zei tegen hem: ‘Wat staat er in de Wet geschreven? Wat leest u daar?’ Hij antwoordde en zei: ‘U zult de Heer, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel, met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf.’ Hij zei tegen hem: ‘U hebt juist geantwoord; doe dat en u zult leven.’ Maar hij wilde zich rechtvaardigen en zei tegen Jezus: ‘En wie is mijn naaste?’ En Jezus nam het woord en zei: ‘Iemand daalde af van Jeruzalem naar Jericho en viel in handen van rovers, die hem uitkleedden en mishandelden en hem halfdood lieten liggen toen zij weggingen. Toevallig kwam er een priester langs diezelfde weg; hij zag hem en en ging aan de overkant voorbij. Er kwam ook een leviet langs die plaats en toen hij hem zag, liep ook hij aan de overkant voorbij. Maar een Samaritaan die op reis was, kwam naar hem toe, en toen hij hem zag liggen, werd hij met ontferming bewogen. Hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden, goot er olie en wijn op, zette hem op zijn eigen lastdier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem. En toen hij de volgende dag wegging, haalde hij twee denariën tevoorschijn, die hij aan de waard gaf en hij zei tegen hem: Zorg voor hem, en alles wat u meer aan kosten hebt, zal ik u op mijn terugreis vergoeden. Wie nu van deze drie is volgens u de naaste geworden van hem, die in de handen van de rovers gevallen was?’ Hij zei: ‘Diegene die hem barmhartigheid bewezen heeft.’ En Jezus zei tegen hem: ‘Ga heen en doe evenzo.’